Wetenschappers onderzochten hoe omgevingsomstandigheden de evolutie van darmmicrobiomen bij wilde Afrikaanse planteneters kunnen beïnvloeden. Het veldwerk vond plaats in Etosha National Park, een relatief droog gebied in Namibië.
Ze verzamelden vers mestmateriaal van 11 diersoorten en gebruikten DNA-extractie en sequentiebepaling om vast te stellen welke bacteriën in welke hoeveelheden voorkwamen. Zo ontstond voor elke diersoort een profiel van het darmmicrobioom.
De resultaten lieten een duidelijke tegenstelling zien: bij zes onderzochte soorten waren er weinig aanwijzingen voor phylosymbiosis, terwijl vijf soorten patronen toonden die ermee overeenkomen. Die vijf zijn rode hartebeest, blauwe gnoe, gemsbok, impala en springbok; alle vijf behoren tot de boviden, herkauwers met complexe magen.
De auteurs vergelijken hun bevindingen met eerder werk in meer gematigde Afrikaanse ecosystemen en suggereren dat lokale omgeving phylosymbiosis kan verbergen of juist zichtbaar kan maken.
Moeilijke woorden
- omgevingsomstandigheid — de externe situatie of het klimaat rond ietsomgevingsomstandigheden
- darmmicrobioom — de gemeenschap van micro-organismen in darmendarmmicrobiomen
- sequentiebepaling — methode om DNA-volgorde te bepalen
- phylosymbiosis — relatie tussen verwantschap van dieren en microbiomen
- herkauwer — zoogdier dat voedsel meerdere keren herkauwtherkauwers
- mestmateriaal — uitwerpselen van dieren, gebruikt voor onderzoek
Tip: beweeg de muisaanwijzer over gemarkeerde woorden in het artikel, of tik erop om snelle definities te zien terwijl je leest of luistert.
Discussievragen
- Waarom denken de auteurs dat de lokale omgeving phylosymbiosis kan verbergen of zichtbaar maken?
- Hoe kan het analyseren van mestmateriaal helpen om meer te weten over de gezondheid van dieren?
- Welke factoren van een droge omgeving kunnen volgens jou het darmmicrobioom van wilde dieren beïnvloeden?
Gerelateerde artikelen
30 jaar vogelonderzoek toont veerkracht in noordwest Noord‑Amerika
Heronderzoek van vogelgemeenschappen in het noordwesten van de Verenigde Staten en zuidwest Canada over 30 jaar laat zien dat veel soorten stabiel blijven of op grotere hoogtes talrijker worden. Sommige soorten hebben wel gerichte hulp nodig.
Onderzoekers werken aan antiserum tegen zwarte schorpioen
Indiaanse onderzoekers analyseren het gif van de Indische zwarte schorpioen en werken aan een antiserum. Ze vonden veel verschillende toxines, testten het gif op muizen en benadrukken de noodzaak van betere behandelmethoden.
Kustgemeenschappen verhuizen door klimaatgevaren
Een wereldwijde studie met satellietgegevens van nachtlampjes toont dat veel kustgemeenschappen de afgelopen dertig jaar landinwaarts zijn verhuisd. Sociale en infrastructurele kwetsbaarheid speelt een grote rol bij deze terugtrekking.