Onderzoekers van Duke Health publiceerden een commentaar in Journal of Clinical Oncology waarin zij waarschuwen dat veelgebruikte vrij verkrijgbare en voorgeschreven geneesmiddelen de effectiviteit en het bijwerkingsprofiel van kankerimmunotherapie kunnen veranderen. Immunotherapie schakelt het immuunsysteem in om tumoren te bestrijden en wordt steeds vaker toegepast als alternatief voor klassieke chemotherapie.
Nicholas DeVito, assistent‑professor in de divisie medische oncologie van de Duke University School of Medicine, stelde dat interacties met het immuunsysteem vaak over het hoofd worden gezien. De auteurs beoordeelden meer dan 50 onderzoeken en vonden aanwijzingen dat sommige middelen de werkzaamheid verminderen, terwijl andere de respons mogelijk verbeteren. Het commentaar waarschuwt tevens dat bepaalde geneesmiddelen bijwerkingen tijdens behandeling kunnen veroorzaken of versterken.
Concreet worden paracetamol, protonpompremmers en corticosteroïden genoemd als middelen die de werkzaamheid zouden kunnen verminderen. Antihistaminica, statines en selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI's) worden genoemd als middelen die de effectiviteit kunnen verbeteren. De onderzoekers benadrukken dat het toevoegen of weglaten van een medicijn voor een patiënt grote gevolgen kan hebben.
Hun aanbevelingen omvatten een betere en consistentere registratie van alle medicatie in klinische trials, prospectief onderzoek om de gevonden verbanden te bevestigen, en praktische aanpassingen in de zorg. Voorstellen zijn voorlichtingsmateriaal voor patiënten en herinneringen in elektronische patiëntendossiers om zorgverleners bewuster te maken van deze effecten. Het werk van DeVito wordt ondersteund door de Duke Strong Start award.
Moeilijke woorden
- immunotherapie — behandeling die het immuunsysteem gebruikt tegen kanker
- bijwerkingsprofiel — overzicht van mogelijke nadelige reacties op medicatie
- interactie — manier waarop twee stoffen elkaar beïnvloedeninteracties
- protonpompremmer — middelen die maagzuurproductie sterk remmenprotonpompremmers
- corticosteroïde — hormoonachtige ontstekingsremmer gebruikt als medicijncorticosteroïden
- selectieve serotonineheropnameremmer — antidepressivum dat heropname van serotonine vermindertselectieve serotonineheropnameremmers, SSRI's
- prospectief onderzoek — onderzoek waarbij deelnemers vooruit in de tijd gevolgd worden
- registratie — vastleggen van informatie, hier over medicatiegebruik
Tip: beweeg de muisaanwijzer over gemarkeerde woorden in het artikel, of tik erop om snelle definities te zien terwijl je leest of luistert.
Discussievragen
- Wat zouden mogelijke voordelen en nadelen zijn van het toevoegen of weglaten van een medicijn tijdens immunotherapie? Geef redenen.
- Hoe nuttig en haalbaar denk je dat herinneringen in elektronische patiëntendossiers zijn om bijwerkingen en interacties te voorkomen?
- Welke informatie zou jij als patiënt willen ontvangen voordat je immunotherapie begint en je andere medicatie gebruikt?
Gerelateerde artikelen
Antilichaamtherapie verwijdert sporen van multiple myeloom
Vroege resultaten tonen dat linvoseltamab, een nieuw antilichaam, in een fase 2-proef resten van multiple myeloom kan weghalen. In de proef hadden alle patiënten die de behandeling afrondden geen aantoonbare ziekte; grotere studies zijn nodig.
WHO zoekt nieuwe partners en prioriteiten in de Westelijke Stille Oceaan
Terwijl de Verenigde Staten zich terugtrekken, benadrukt Saia Maʻu Piukala het belang van regionale samenwerking, diversere financiering en prioriteiten zoals niet-overdraagbare ziekten, klimaat, paraatheid en het bestrijden van desinformatie.
Geïsoleerde stadsbuurten en meer ziekenhuisbezoeken voor schizofrenie
Onderzoekers vonden in New York City een verband tussen buurten die door wegen en verkeer zijn geïsoleerd en meer ziekenhuisbezoeken voor schizofrenie. De samenhang bleef bestaan onafhankelijk van verkeergerelateerde luchtvervuiling.
Vroege opsporing en nieuw onderzoek naar prostaatkanker in Afrika
Prostaatkanker neemt in Afrika toe en vaak wordt te laat ontdekt. Nieuw onderzoek vindt genetische risicofactoren bij mensen van Afrikaanse afkomst. Voorlichting, screening en lokale investering kunnen de overleving verbeteren.